juli 2026

Na zeven jaar eindelijk perspectief: nieuwe stikstofplannen bieden ruimte voor het platteland

Na zeven jaar lijkt er een einde te komen aan de impasse rondom stikstof. Voordat de nieuwe stikstofplannen in de praktijk effect hebben, moeten er nog belangrijke politieke en juridische stappen worden gezet. Tegelijk biedt dit plan meer perspectief op een oplossing dan we sinds mei 2019 hebben gezien.

Dat de uitstoot van stikstof in de landbouw omlaag moet, daar zijn we het met elkaar over eens. Agrarisch ondernemers innoveren volop om hieraan bij te dragen. Maar een juridisch systeem dat voldoet aan Europese natuurregels én voldoende ruimte biedt voor nieuwe activiteiten, bleek lange tijd een onhaalbare hindernis. Dat is een onwerkbare situatie, niet alleen voor de vele agrarisch ondernemers in onze P10 netwerk-gemeenten, maar ook voor andere cruciale ontwikkelingen, zoals de bouw van woningen.

Als P10 pleiten we al jaren voor duidelijkheid. Die lijkt er met dit plan te komen. Zonering, het afschaffen van de Kritische Depositie Waarde en het invoeren van de rekenkundige ondergrens zijn belangrijke stappen om het systeem van vergunningverlening weer op gang te brengen en te werken aan natuurbehoud.

Ook pijnlijke keuzes

Het is duidelijk dat het maatregelenpakket ook pijnlijke besluiten kent. Zo is het uitgangspunt van grondgebondenheid een begrijpelijke maatregel, maar voor agrarisch ondernemers een grote uitdaging om te realiseren. Ook de natuurzones, groter dan waar boeren op hadden gehoopt, hebben impact. Het wordt een stevige opgave om deze maatregelen in de praktijk te brengen.

Het nieuwe plan gaat natuurlijk niet alleen over landbouw. Ook de industrie, verkeer en vervoer en de hele voedselketen dragen bij aan de reductie van stikstof.

Gebiedsgericht werken als vertrekpunt

De uitvoering van de plannen ligt op provinciaal niveau: een gebiedsgerichte aanpak, waarbij provincies, gemeenten, waterschappen, agrarische ondernemers en maatschappelijke organisaties samen aan de slag gaan. Dat juichen we toe. De kennis en ervaring uit het gebied is het vertrekpunt: daar weet men wat er speelt, wat werkt en wat nodig is. Op deze manier kan in de uitwerking rekening worden gehouden met specifieke lokale omstandigheden en kan elke situatie op zijn eigen merites worden beoordeeld.

Hoewel provincies de verbinding maken met alle partijen in het landelijk gebied, houden we als gemeenten een regierol. De resultaten van de gebiedsprocessen moeten immers worden vastgelegd in omgevingsplannen per gemeente. Voor een gezonde toekomst van het platteland in al haar facetten is gebiedsgericht werken essentieel.

Wat dit van ons vraagt

Deze ontwikkelingen vragen ook iets van ons als overheden, ook van P10 als samenwerkingsverband van plattelandsgemeenten. We zullen anders moeten leren kijken: minder vanuit afzonderlijke regels en meer vanuit samenhang. Want stikstofreductie is niet onze enige opgave. Juist door gebiedsprocessen integraal op te pakken, ontstaan er oplossingen die rekening houden met alle opgaven.

Deel dit op:
LinkedIn
WhatsApp
Facebook